-->
LifestyleTop-artikel
22 juli 2021

Huis in de stad óf wonen tussen de weilanden

‘Ik ben hier gewoon een gelukkig mens’

Rubriek: Reportage
Tekst: Nicolette Boskaljon
Fotografie: Patrick Ouwerkerk

Wonen in een voormalig arbeidershuisje in de stad? Of in een vrijstaand huis met een stuk grond eromheen? Hoe ervaren bewoners hun gevoel van ruimte? In een persoonlijk gesprek vertellen twee verzekerden van Nh1816 over hun woonplezier, hun huis en de voor- en nadelen ervan – en van de locatie.

Den Bosch

Het voormalige arbeidershuisje, dat rond 1700 werd gebouwd, staat in het centrum van Den Bosch. Hartje stad, maar wel op een relatief rustige plek. Aan het water, te midden van oude monumentale gebouwen en onder de rook van de imposante Sint-Janskathedraal. Toen Marijke Frijters (68) het huis zag, was het liefde op het eerste gezicht. “Ik viel voor de lichtinval. In de binnenstad hebben de huizen meestal weinig licht. In dit huis valt er van drie kanten licht naar binnen: aan de voor-, achter- én zijkant. En ik zit hier niet boven een drukke winkelstraat.” Wat ze ook heel fijn vindt, is dat alles dichtbij is. “Ik heb altijd gezegd: als ik 50 ben, verhuis ik naar de binnenstad. Niet dat je ervan uitgaat dat je op die leeftijd al slecht ter been bent, maar wel graag alles op loopafstand. Je hóeft niet naar het theater, maar je kunt er als je wilt wel naartoe.”

Marijke Frijters voor haar woning in Den Bosch

Lichte plek

Toen ze het huis in 2002 kocht, was het net van binnen gerenoveerd. De stickers zaten nog op het sanitair. Toch heeft Marijke het huis meteen wat verbouwd. “Ik heb de badkamer stijlvoller gemaakt en wat muren verzet. Ik heb veel dingen wat meer naar mijn zin kunnen maken.” De fijnste ruimte in huis? “Dat is de woonkamer”, zegt ze. “Het is een hele lichte plek. Maar boven, waar ik vaak zit te werken, is het ook heel leuk. Met mooi uitzicht, een lekkere slaapkamer en een bijkamer. En overal ramen. Voor zo’n oud monumentaal pandje is dat bijzonder.” Het enige wat ze soms mist, is bergruimte. “Ik woon niet in een tiny house, hoor. Ik heb twee verdiepingen van beide zo´n 65 m2 en een tuintje van 35 m2. Maar ik kom uit een veel groter huis, dus van veel spullen heb ik afscheid moeten nemen.”

‘Ik heb altijd gezegd: als ik 50 ben, verhuis ik naar de stad’

Stadsongemakken

Marijke weet: als je in de binnenstad woont, kan het soms luidruchtig zijn. Gelukkig is dat vaak alleen op vrijdag- en zaterdagavond, vertelt ze. “Er loopt nog wel eens wat uitgaanspubliek dat voor geluidsoverlast zorgt. Als het echt heel erg is, ga ik naar buiten en zeg ik er wat van.” Een ander typisch stadsongemak is: parkeren. Marijke heeft bijna twee jaar op een parkeervergunning moeten wachten. En dan nog kan ze soms geen plekje voor haar auto vinden. “Maar nou ja, die dingen horen erbij”, verzucht ze.

Rijksmonument

Zo ook het onderhoud van haar huis, dat als rijksmonument staat genoteerd. De gemeente houdt alles in de gaten wat je in en aan je huis doet, vertelt Marijke. “Vorig jaar heb ik het pleisterwerk aan de buitenkant van het huis laten repareren. Omdat het huis tien meter diep in het water staat, moest er een steiger worden neergezet. Die kostte me alleen al een vermogen.” De eerstvolgende klus op haar wensenlijst betreft het zetten van monumentenglas aan de voorkant van het huis. “Voor wat extra comfort.” En een liftje, mocht dat te zijner tijd nodig zijn. Het liefst blijft Marijke hier namelijk zolang mogelijk wonen. “Ik ben hier gewoon een gelukkig mens.”

Hardenberg

In Hardenberg staat het vrijstaande huis waar Rob (43) en Helen Landstra-Heuver (44) met hun drie kinderen en twee honden wonen. “Toen we zagen dat dit huis te koop stond, waren we er meteen van gecharmeerd”, vertelt Rob. “Ik vond het huis op de foto’s al heel mooi”, vult Helen aan. “De speelsheid, de scheve ramen en de hoeken in de nok. En bomen in je tuin! Toen ik hier voor het eerst rondliep, dacht ik: ja, dit klópt gewoon. Er hangt een goede energie, of zoiets.”

Rob en Helen Landstra-Heuver met hun drie kinderen voor hun huis in Hardenberg

Eekhoorntjes

Het huis van Rob en Helen, dat alleen beneden al zo´n 220 m2 telt, barst van de fijne plekjes. Favoriet is de kachel in de woonkamer. En de keukentafel, met uitzicht over de tuin, met zijn eekhoorntjes, waar Helen het liefst zit. Voor Rob, exporteur van grondverzetmachines, wint niets in huis het van zijn kantoor. “Het is een typisch ‘mannelijk’ kantoor”, zegt Helen, waarin ze haar man overigens goed begrijpt. “Met Chesterfieldstoelen, zoals in zo´n ouderwetse rokerskamer, waar ze vroeger aan de whisky zaten.” Haar eigen kantoor in huis is iets kleiner, maar ook een stuk lichter. Dat is wel zo praktisch, want Helen runt een coachingspraktijk aan huis.

Eigen plekje

Dat ze allebei vanuit huis kunnen werken, vindt Helen een groot voordeel. “Je hoeft niet steeds op en neer naar kantoor. En als ik ‘s avonds een sessie heb, ben ik in elk geval thuis voor de kinderen. Tegelijkertijd is er altijd veel reuring en geluid in huis. We zijn altijd met en bij elkaar. Gelukkig heeft iedereen zijn eigen plekje. Dat is het voordeel van ruim wonen.”

Er af en toe even uit zijn, vindt Rob wel lekker. “Ik vind het fantastisch om thuis te kunnen werken. Maar soms, als we vroeg eten, zit ik ineens vanuit mijn werkkamer binnen 30 seconden aan tafel. Mijn werk heb ik dan nog niet goed kunnen afsluiten. Nu we door corona opeens allemáál veel thuis zijn, vind ik het heerlijk om af en toe naar een leverancier te gaan. Even eruit. Anders wordt je wereld wel heel erg klein.”

‘Toen ik hier voor het eerst rondliep, dacht ik: ja, dit klópt gewoon’

Marshmallows

Wie even wil uitrazen, doet dat in de tuin, die qua grootte in de buurt komt van een voetbalveld. Hutten bouwen, relaxen in de jacuzzi, eigen fruit en groenten telen, een kampvuur stoken en marshmallows roosteren op de zelfgemaakte vuurkorfplaats; het kan er allemaal. Hoe doen ze dat eigenlijk als het eten op tafel komt? “Goeie vraag!”, zegt Helen lachend. “We roepen elkaar. En heel af en toe plaats ik een oproep in de gezinsapp.”

Stookkosten

Nadat Rob en Helen het huis in 2015 kochten, pakten ze vrijwel alles binnen en een groot deel buiten aan. Alleen de badkamer, die nog altijd groen is, en de verouderde oprit en stal moeten nog. Wat hoog op hun verlanglijstje staat, is meer verduurzaming van het huis. “Het dak en de muren zijn geïsoleerd en veel ramen zijn intussen ook al vervangen”, vertelt Rob. “Maar alsnog loop je helemaal leeg op de stookkosten. Dat past niet meer in deze tijd. Alles wat je doet is veel en groot. Dat hakt erin. Toen we dit huis kochten, zeiden we: dit gaat wel een jaar of tien duren. We zijn nu zo´n zes jaar onderweg. Alles op zijn tijd.”

De vrijstaande woning in Hardenberg van de familie Landstra-Heuver.