-->
Goede doelTop-artikel
17 juni 2021

Een jaar na het surfersdrama

‘Twee dagen later gingen we de zee weer op’


Rubriek: Reportage
Tekst: Mark de Niet
Fotografie: Dick Teske, Stefan Goetzelmann

Beroepsvaart, watersport en strandrecreatie zorgen per definitie voor veel drukte op zee en aan het strand van Scheveningen. Hulpdiensten, zoals de brandweer, reddingsbrigade en KNRM staan voortdurend paraat om mensen in nood te redden. Ook de lokale surfgemeenschap speelt hierin een belangrijke rol. We spreken met Bart Haveman (29), vrijwilliger bij de KNRM Scheveningen en ervaren surfer. Hij verloor drie goede vrienden bij het surfersdrama op 11 mei 2020.

De zee en het helpen van mensen, het zit in Barts bloed. Hij groeide op in Beetgum (Friesland), maar verhuisde tien jaar geleden voor de surfsport naar Scheveningen, waar hij instructeur werd. Inmiddels werkt hij voor de Kustwacht als Rescue Swimmer. Vanuit een helikopter laat hij zich bij noodgevallen met een kabel op platforms, schepen of in zee zakken om eerste hulp te verlenen. Bij KNRM Scheveningen is Bart bemanningslid van de twee reddingboten. In KNRM-taal: opstappers.

Binnen tien minuten

Bart woont om de hoek van het reddingstation en is op zijn fiets binnen een paar minuten ter plaatse voor onze afspraak. “Alle 37 opstappers wonen vlakbij het reddingstation”, vertelt hij. “Dat moet ook wel, omdat we binnen tien minuten een alarmmelding moeten opvolgen.” In de gemeenschappelijke ruimte van het reddingstation zit hij aan een grote tafel. “Normaal gesproken zijn we hier rond koffietijd met een grote groep. In coronatijd beperken we onze contacten uitsluitend tot reddingsacties.”

Wel aanwezig op het station is schipper Hugo Pronk. Hij luistert even mee. Op de vraag naar het aantal reddingsacties in 2020 wijst hij naar het whiteboard, dat naast hem aan de muur hangt. Met een groene marker staat er het getal 229 op geschreven. “Een record!” zegt Hugo, “Ondanks het coronavirus was het aantal reddingsacties hoger dan ooit. In de zomer was het hier topdrukte, op en langs het water.” Ter vergelijking: een jaar eerder kwam de KNRM in Scheveningen 186 keer in actie.

Een geboren redder

Bart meldde zich op jonge leeftijd op de Waddeneilanden al aan als lifeguard, een speciaal onderdeel van de KNRM. Toen hij voor het surfen een jaar naar Frankrijk vertrok, sloot hij daar vriendschap met Scheveningse surfers. Hij trok achter zijn nieuwe vrienden aan en ging aan het werk bij The Shore, de hangout waar veel lokale surfers samen komen. “Het mooie van mijn werk voor de KNRM is, dat we iedereen in nood helpen. Het maakt niet uit of iemand door eigen toedoen in de problemen is geraakt. Voor ons telt op dat ene moment alleen dát mensenleven”, vertelt Bart. Hugo vult aan: “We zien onszelf echt niet als helden. Zodra we iemand in veiligheid hebben gebracht, hebben wij ons werk goed gedaan. Het is fijn om achteraf te horen, dat het goed gaat met de persoon die we uit zee hebben gehaald. Maar vaak krijgen we na een reddingsoperatie niets te horen.” Over dankbaarheid hebben de KNRM’ers overigens niet te klagen. “Soms staat er ineens een kratje bier voor de deur of ontvangen we een mooie bos bloemen. Die waardering is hartstikke fijn.”

Bart begon al op jonge leeftijd als lifeguard en is een ervaren surfer.

Surfersdrama

Nationale waardering kregen de redders van het KNRM-station Scheveningen op 11 mei 2020, nadat zes ervaren surfers te water waren gegaan om te bodysurfen (surfen met je lichaam, zonder plank). Ze werden verrast door metershoog, verstikkend algenschuim. Via webcams en social media kon heel Nederland volgen hoe de KNRM samen met de reddingsbrigade en de brandweer in een noorderstorm op zoek ging naar de Scheveningse jongens. Hugo: “Tijdens de reddingoperatie waren we ons van deze aandacht niet bewust. Pas na afloop beseften we de impact van de gebeurtenis.”

Vanzelfsprekend heeft het tijd nodig om de gebeurtenissen van die dag te verwerken. “Ik twijfelde daarom of ik er wel over wilde vertellen”, zegt hij, “maar het kan juist helpen om het verhaal te vertellen.” Op het moment dat het gebeurde was Bart in Den Helder voor een training van de Kustwacht en geen onderdeel van de zoekactie van zijn collega’s. Hij wijst naar de ruimte in het reddingstation waar een reddingboot van het station ligt. “Hier lagen de lichamen van die jongens, die ze uit zee haalden. Joost en Sander werden als eerste binnengebracht.”

Enige overlevende

Met gevaar voor eigen leven en ongekende stuurmanskunst hebben de KNRM’ers geprobeerd de jongens tijdig te vinden. Met de Kitty Roosmale Nepveu, een geavanceerde reddingboot, werd rakelings langs de basaltblokken van het havenhoofd gevaren. Voor de tweede boot van het station was de storm eigenlijk te gevaarlijk. Bart vertelt: “’s Middags hadden ze nog een kitesurfer aan boord gehaald, waarmee duidelijk werd dat de storm te machtig was. Maar in de zoektocht naar de surfers was de bemanning niet tegen te houden. Ze wilden helpen en gingen toch de zee op.” Mensen die vanaf het noordelijk havenhoofd naar de surfers speurden, hielden hun hart vast. Meerdere keren dreigde de reddingboot te kapseizen, wat het leed nog veel groter zou maken. Toen de boot door de schipper van de Kitty Roosmale de haven weer in werd geloodst, lukte het alsnog om Ruurd als enige overlevende surfer aan boord te trekken.

“Ruurd heeft geluk gehad”, vertelt Bart over een van zijn beste vrienden. “Hij heeft op tijd zijn arm voor zijn gezicht kunnen slaan om niet meteen in het schuim te stikken. Door de stroming heeft hij zich laten meevoeren, het schuim uit. Terwijl hij vanwege zijn onderkoelingsverschijnselen werd behandeld, werden zijn maten een voor een geborgen. Afgrijselijk.“

De vijf witte haringen herinneren aan het surfersdrama.

Vijf witte haringen

Het is tijd voor een frisse neus aan de boulevard van Scheveningen. Vanaf het bijna 100 jaar oude station lopen we naar de vijf witte haringen die geschilderd zijn op het noordelijke havenhoofd. Ze herinneren aan de gebeurtenissen van een jaar geleden. Ook vandaag staat er een harde wind, maar uit een andere richting. Het zand snijdt in onze gezichten. Er word volop gesurft: kite-, golf- en windsurfers.

Bij strandtent The Shore staan we even stil. Een belangrijke plek voor Bart. “De lokale surfers zijn hier graag”, vertelt hij. “Ouders, broers, zussen, vrienden en andere nabestaanden van de omgekomen jongens hebben hier hun verdriet gedeeld. Samen met Ruurd ben ik twee dagen na het drama de branding weer in gegaan. Dat lijkt misschien vreemd na zo’n traumatische gebeurtenis, maar voor ons was het dé manier om dichtbij onze vrienden te zijn en ons verdriet een plek te geven. De zee is vertrouwd.”

Surfers lezen de zee

“Weet je dat surfers een belangrijke rol spelen in het redden van mensen?”, verandert Bart het onderwerp. “Degenen met een beetje ervaring, kunnen letterlijk de zee lezen. Zij zoeken continu naar het moment dat een golf breekt. Ze weten hoe de stroming staat en waar de wind vandaan komt. Maar ze zien ook het gevaar.” Bart noemt het ‘omgeving awareness’. “Heel vaak zien we zwemmers op plaatsen waar ze beter niet kunnen zijn. Te dicht bij golfbrekers of muien. Op die momenten peddelen we naar de mensen toe om ze hulp aan te bieden. Vaak genoeg klampen vermoeide zwemmers bij een surfboard aan. Dan brengen we ze naar ondiep water terug zonder dat de KNRM en andere hulpdiensten in actie hoeven te komen.”

Ook voor surfers wordt het steeds drukker op het water. Elke sportwinkel van formaat verkoopt surfboards. In het straatbeeld van Scheveningen zijn jongens en meiden in een wetsuit op de fiets met een board onder de arm geen opvallende verschijning meer. “Op goede surfdagen liggen er soms honderden surfers tegelijk in het water,” zegt Bart. “Daardoor ontstaan regelmatig gevaarlijke situaties, die niet altijd goed aflopen.” Bart pleit voor de veiligheid van watersporters en recreanten. Hij vindt het een goed idee om net als in veel andere landen in de wereld de zones anders in te delen. “Zwemmers zijn de meest kwetsbare groep. Voor de reddingsbrigade is het soms ondoenlijk om ze allemaal in de gaten te houden, omdat iedereen overal mag zwemmen. Voor surfers geldt het omgekeerde. Zij vragen steeds meer ruimte, maar hebben nu slechts een relatief klein gebied voor hun activiteiten.”

‘Op goede surfdagen liggen er soms honderden surfers tegelijk in het water’

Samen leren

Gevraagd naar de samenwerking tussen de verschillende hulpdiensten, zegt Bart: “We trainen minstens een keer per jaar samen met de brandweer en reddingsbrigade. Zo leren we van elkaar. De brandweer leidt lifeguards op die mensen redden die onder de kust in nood verkeren. Zij beschikken bijvoorbeeld over rescueboards waarmee ze te water kunnen.” Van The Shore lopen we naar de haven, waar Bart met trots de Kitty Roosmale Nepveu laat zien. De boot is perfect onderhouden en in de machinekamer blinken de onderdelen. “Deze boot kan mijlenver uit de kust varen om reddingen te verrichten.”

Bart sluit de luiken van de boot, waarna we teruglopen naar het reddingstation. Zijn pieper gaat. “Surfer in nood!” staat er op het display. Tijd om afscheid te nemen is er niet. Schipper Hugo komt ons al tegemoet. Later vertelt Bart per telefoon dat de surfer in nood de kant zelfstandig kon bereiken. Zijn board heeft hij op zee achtergelaten.


Crowdfunding

Nh1816 is maatschappelijk partner van de KNRM, dat volledig afhankelijk is van donaties. Onder meer werd de bouw van een nieuwe reddingboot mogelijk gemaakt. De klasse draagt de naam Nh1816. Dit type reddingboot wordt doorontwikkeld en speelt een rol in de vlootvervanging die KNRM-directeur Jacob Tas heeft aangekondigd voor alle stations tussen nu en 2035. Station Scheveningen zal in 2023 haar eenmotorige RIB-reddingboot vervangen voor een grotere met twee motoren. Om dit mogelijk te maken is een crowdfunding op touw gezet. Het streefbedrag is € 315.000. Nh1816 ondersteunt deze actie en nodigt haar verzekerden uit bij te dragen aan de RIB voor station Scheveningen. Surf naar de crowdfunding pagina als je ook een bijdrage wil doen. Nh1816 heeft toegezegd de eerste € 50.000 te verdubbelen.